PRODUCER

a selection from the archives

photo: Thomas Noël @ ICP studios              

 

BIG BILL
  • 1976 – album   Big Bill
  • 1978 – album   Sit on it
  • 1995 – album  Allee live + 3
RICK TUBBAX AND THE TAXIS
  • 1979 – single   Bojangle plays tonight
  • 1980 – single   Breaking up
  • 1982 – single   Credo
DE KREUNERS
  • 1979 – single   l‘Amour c’est de la merde
  • 1980 – single   Nummer 1
  • 1981 – album   ’s Nachts kouder dan buiten
  • 1982 – album   Er sterft een beer in de Taïga
  • 1984 – live album   Weekends in België
  • 1986 – singles   Wij gaan deserteren / Sha-la
JO LEMAIRE + FLOUZE
  • 1980 – album   Precious Time
JO LEMAIRE
  • 1983 – album   Concorde
  • 1983 – singles   Parfum de rêve / La mémoire en exil
  • 1984 – single   Tentations

    En jullie gebruiken het talent van Jean-Marie Aerts? Waarom is hij een goed producer volgens jullie?

    Jo Lemaire:  Ik was daar al van overtuigd toen we onze 2de LP maakten in Londen. Ik weet niet uit te leggen waarom ik dat vind, maar het is zo. Hij stelt zich ten dienste van de groep, hij legt niets op. Hij luistert.

    Fa Vanham: Ik heb hem niet als een producer aangevoeld, maar als een vriend die meeleeft met de plaat die aan het geboren worden is. Hij is een goed producer omdat hij het gevoel dat je hebt als je voor het eerst een nummer speelt, naar een plaat kan vertalen. Hij begrijpt pecies wat Jo bedoelt met een tekst, hij weet waarom ik een melodie schrijf.

    — Humo, 1983

    THE SCABS
    • 1983 – single   No pay today
    • 1983 – mini album   Here’s to you gang
    • 1984 – single   The one and only
    RED ZEBRA
    • 1981 – mini album   Bastogne
    • 1983 – singles   Lust / Polar Club
    • 1983 – album   Maquis
    LUC VAN ACKER
    • 1982 – maxi single  Luc Van Acker
    • 1983 – maxi single   The fear in my heart
    • 1984 – album   The ship
    • 1984 – single   Heart & soul
    • 1985 – single   Zanna

    Van Acker: Er moet ambiance heersen, er moet begrip zijn voor wat je doet. En op dat vlak heb ik aan Jean-Marie méér gehad dan alle techniek ter wereld.  
    — Backstage – 1982


    ARBEID ADELT!
    • 1983 – mini album   Jonge Helden
    • 1983 – single   De man die alles noteert
    some more eighties productions:

    ONCE MORE (1980) – THE STRINGS (1981) – MADOU (1981) – LAVVI EBBEL (1981)
    PUI PUI (1982)

    THE NEON JUDGEMENT
    • 1989 mini album   BLOOD & THUNDER
    • 1990 single/12″   1313
    • 1998 album   DAZSOO   (5 tracks co-prod)
    • 1998 single/12″   JAZZ BOX

    Dirk DaDavo:    BLOOD AND THUNDER was voor ons pure glasnost. Dank zij Jean-Marie Aerts hebben we met andere mensen leren werken. Het was ook een soort levensles: Jean-Marie heeft ons met een paar vaderlijke schouderklopjes duidelijk gemaakt dat een muzikant in de eerste plaats menselijk moet zijn.
    — Humo: Vreemd, hij lijkt mij niet bepaald een vaderlijk type.

    TB Frank: En tóch (lacht). Ik werd tijdens de opnamen dertig jaar oud en maakte die typische dertigers-crisis door. Jean heeft mij daar uitgehaald. ’t Is een soort Vlaamse Gainsbourg , iemand die alles overheeft voor de muziek en voor een leven als artiest. Hij heeft ons soms tot het uiterste gedreven: opgepept, aangemoedigd, afgebroken, leeggepompt… tot hij vond dat een opname de nodige dosis soul had.
    — Humo, 5 okt. 1989, Frank Vander linden.

    ARNO
    • 1990 – single/12″   Whoop that thing
    • 1990 – album   Ratata

    RATATA   produced by Arno & Jean-Marie – mixed by Jean-Marie & Michel Dierickx
    @ ICP Studios, Brussels.

    songs by Arno + Jean-Marie: DANCE TILL YOU DROP – MON SISSOYEN – RATATA – I’VE DONE MY BEST – MARIE TU M’AS – I’M NOT THERE – I CAN’T STAND IT – MUSIC IS THE DOPE

    Some more nineties productions:

    ELISA WAUT (1991) – LA FILLE D’ERNEST (1991/1992) – BABYLON FIGTHERS (1991) – TOM WOLF (1992/1993) – GIVE BUZZE (1993)
    JUNKFISH 1993) – ASHBURY FAITH (1993/1994) – ODIEU (1992/1996) – EL FISH (1998/1999)

    Jean-Marie fait partie de cette nouvelle race de producteurs qui essaie d’aller à l’essentiel, de livrer une énergie brute. Et cette tendance va être de plus en plus importante. (BABYLON FIGHTERS avec à la basse Patrick Bylebyl, à la batterie Philippe Comte)
    — Rock & Folk-FR, 1991

    Hoe verliep de samenwerking met Jean-Marie?
    Vévé ‘Shake’ Mazimpaka – LA FILLE D’ERNEST: Zeer aangenaam. Het was heel ontspannen werken met hem. En we hebben er veel van opgestoken, hij is heel professioneel. En Jean-Marie haalt alles uit je tijdens de opnames, brengt het beste in jezelf naar boven.
    — De Morgen, 1992  

    Wat ik van Jean-Marie geleerd heb?
    TOM WOLFIk heb – wonderlijk genoeg want Jean-Marie is zelf geen zanger – veel over zingen geleerd. Dat je niet hoeft te schreeuwen om je boodschap over te brengen, wel integendeel.
    — Het Nieuwsblad, 1993

    JUNKFISH/Jan:  Ludwig van Novecento/Manifesto (platenlabel) stelde voor om Jean-Marie eens te proberen, en we zagen dat wel zitten, maar zijn naam zat nog niet echt in ons hoofd. Hij heeft dan toch een tape gekregen en heeft daar zo enthousiast op gereageerd – de dag nadat hij die ontvangen had, belde hij al – dat wij ook direct akkoord gingen. En we zijn er in feite ook heel tevreden over. Hij is er in geslaagd het groepsgeluid goed weer te geven.
    — Gonzo Circus, 1994

    Boeiend en opvallend is de cd van de nieuwe Rotterdamse band COBRAZ. Deze door producer Jean-Marie Aerts voortreffelijk gemixte ingrediënten leveren een haast on-Nederlandse plaat op die van begin tot einde spannend blijft.
    — Twentsche Courant, NL, 1995

    Zopas heeft EL FISH zijn tweede cd “Rewinder” uitgebracht. Het moet zo ongeveer van Jimi Hendrix geleden zijn dat een blueske zo sexy klonk.
    — Gazet van Antwerpen, 1998

    2000 +

    My Heroics, Part One    ABSYNTHE MINDED
    (De Standaard, 12 april 2013)
    “Beste Belgische nummer allertijden”

    GANASHAKE
    Deze begintwintigers dampen, grooven, scheuren en funken. Natuurlijk, die bluesschema’s zijn nu plots niet helemaal anders, maar de bezieling, het vette spel en de onbevangenheid waarmee ze tegen de traditionele waarden aanschoppen, is een verademing. Het is juist de frisse kijk die deze muziek toekomst biedt. De no-nonsense-productie van Jean-Marie Aerts past daar perfect bij. (W. Jongeneelen – OOR – NL – feb. 2011)